ZorgZipper

Kennisbank · 7 min lezen

Druppelsnelheid en pompstand berekenen (met rekentool)

Druppelsnelheid = (ml × 20) : minuten, in druppels per minuut. Pompstand = ml per uur. Bij een standaard infuussysteem is 1 ml gelijk aan 20 druppels. Voor 1000 ml in 8 uur kom je zo op 42 druppels per minuut, of pompstand 125.

Druppelsnelheid berekenen in drie stappen

Op de voorkant van de kaart staat de berekening in drie stappen, A, B en C. Je rekent eerst de hoeveelheid om naar druppels, dan de tijd naar minuten, en deelt daarna het een door het ander.

StapWat je doetVoorbeeld: 1000 ml in 8 uur
ABereken het aantal druppels: ml × 201000 × 20 = 20000 druppels
BBereken het aantal minuten: uren × 608 × 60 = 480 minuten
CDeel: druppels : minuten = druppels per minuut20000 : 480 = 41,7, afgerond 42 druppels per minuut
Bij een standaard systeem van 20 druppels per ml. Bij een ander systeem vervang je de 20 in stap A.

Stap C is de enige stap waarin je deelt, en daar gaat het meestal mis. Onthoud de richting: druppels gedeeld door minuten, niet andersom. Kom je uit op een getal onder de 1 of boven de 200, dan is er waarschijnlijk iets omgedraaid.

Hulpmiddel om je eigen berekening te controleren; reken altijd zelf na en volg het protocol.

Tussenstappen

  1. A. 1000 × 20 = 20000 druppels
  2. B. 8 × 60 = 480 minuten
  3. C. 20000 : 480 = 41,7 druppels per minuut

Afgerond: 42 druppels per minuut

De vaste pompstanden

Loopt het infuus via een pomp, dan reken je niet in druppels maar in ml per uur: de pompstand. Voor de gebruikelijke hoeveelheden per 24 uur staan de standen op de kaart, zodat je ze niet elke keer hoeft uit te rekenen.

HoeveelheidPompstand (ml/uur)
Pompstandaantal ml infuusvloeistof per uur
Waakinfuusstand 3 à 10 (minimale snelheid om de ader open te houden)
0,5 L / 24 uurstand 21
1 L / 24 uurstand 42
1,5 L / 24 uurstand 63
2 L / 24 uurstand 84
2,5 L / 24 uurstand 104
3 L / 24 uurstand 125
De pompstanden van de voorkant van de kaart. Voor andere hoeveelheden of tijden: ml gedeeld door uren.

De regel erachter is eenvoudig: 1000 ml gedeeld door 24 uur is 41,7, afgerond 42. Elke halve liter erbij is 21 ml per uur erbij. Voor een hoeveelheid die niet in de tabel staat, bijvoorbeeld 500 ml in 4 uur, deel je gewoon: 500 : 4 = stand 125.

Van pompstand naar druppels en terug

Soms moet een infuus dat op de pomp liep tijdelijk zonder pomp verder, bijvoorbeeld bij vervoer. Dan reken je de stand om: stand 42 is 42 ml per uur, dat is 42 × 20 = 840 druppels per 60 minuten, dus 14 druppels per minuut. Bij een systeem van 20 druppels per ml komt dat neer op de pompstand gedeeld door 3. Andersom geldt hetzelfde: druppels per minuut maal 3 is de pompstand. Bij 15 of 60 druppels per ml verandert die factor, dus reken dan de volledige route via stap A, B en C.

Medicatie berekenen

Voor het optrekken van een dosis uit een ampul of flesje gebruikt de kaart één formule: te geven mg × ml op voorraad, gedeeld door mg op voorraad = te geven ml. Het voorbeeld op de kaart: voorschrift 5 mg morfine subcutaan, je hebt ampullen van 10 mg per ml.

mgml
Voorraad101
Toedienen50,5
5 mg × 1 ml = 5; 5 : 10 mg = 0,5 ml optrekken.

De formule werkt in beide richtingen en met elke eenheid, zolang voorschrift en voorraad in dezelfde eenheid staan. Staat het voorschrift in microgram en de ampul in milligram, dan reken je eerst om (1 mg = 1000 microgram) en pas daarna deel je. Controleer de uitkomst altijd op waarschijnlijkheid: uit een ampul van 1 ml kun je geen 5 ml optrekken.

Zuurstof berekenen

Bij vervoer met een zuurstofcilinder wil je weten hoe lang de voorraad meegaat. De achterkant van de kaart geeft twee stappen.

StapWat je doetVoorbeeld: cilinder van 2 L bij 200 bar, 4 L/min
ALiters op voorraad: druk (bar) × inhoud cilinder200 × 2 = 400 liter
BMinuten: liters op voorraad : behoefte per minuut400 : 4 = 100 minuten

Honderd minuten is de rekenkundige voorraad, niet de tijd die je veilig hebt. Een cilinder geeft bij lage druk geen betrouwbare flow meer, en een vertraging onderweg is snel opgelopen. In de praktijk houd je daarom een marge aan, bijvoorbeeld door de cilinder niet onder een bepaalde druk te laten komen; welke grens dat is, staat in de afspraken van je afdeling of de vervoersdienst.

Lees de druk af vlak voor vertrek

De manometer van een cilinder die al een keer gebruikt is, staat niet meer op 200 bar. Reken met de druk die je op dat moment afleest, niet met de inhoud die op de cilinder staat.

Drie fouten

1. Uren en minuten door elkaar

De druppelsnelheid is per minuut, de pompstand per uur. Wie 1000 ml in 8 uur deelt door 8 in plaats van door 480, komt uit op 2500 druppels per minuut. Zet daarom altijd de eenheid achter het getal, ook op je kladblaadje.

2. Het druppelsysteem niet checken

De 20 in de formule geldt voor een standaard systeem. Bij een systeem van 15 druppels per ml loopt hetzelfde infuus met 20 druppels per minuut een derde te snel; bij een microdruppelsysteem van 60 loopt het driemaal te langzaam. Kijk op de verpakking voordat je rekent.

3. Mg en ml verwisselen

Een ampul van 10 mg per ml bevat 10 mg in 1 ml. Wie de 10 als ml leest, trekt tienmaal te veel op. Schrijf de voorraad altijd op als twee getallen naast elkaar, mg en ml, zoals in de tabel op de kaart, en laat een collega bij risicomedicatie meekijken volgens het protocol.

  • Reken altijd twee keer, bij voorkeur op twee manieren: een keer met de formule en een keer op gevoel (is dit een gewone hoeveelheid?).
  • Tel na het instellen van een infuus zonder pomp een volle minuut de druppels mee.
  • Noteer wat je hebt ingesteld en wanneer, zodat de volgende dienst kan controleren of het infuus op schema loopt.
Waarom staat een waakinfuus op stand 3 tot 10?

Een waakinfuus dient niet om vocht te geven, maar om de ader open te houden zodat het infuus beschikbaar blijft voor medicatie. Daarvoor is een minimale snelheid genoeg. De precieze stand verschilt per afdeling en per pomp; de kaart geeft de gebruikelijke bandbreedte. Volg de afspraak van je eigen afdeling.

Veelgestelde vragen

Hoeveel druppels is 1 ml?

Bij een standaard infuussysteem 20 druppels. Er bestaan ook systemen van 15 druppels per ml en microdruppelsystemen van 60 druppels per ml. Het aantal staat op de verpakking van het toedieningssysteem; controleer dat voordat je rekent.

Wat is het verschil tussen druppelsnelheid en pompstand?

De druppelsnelheid is het aantal druppels per minuut dat je met de rolklem instelt bij een infuus zonder pomp. De pompstand is het aantal ml per uur dat je op de infuuspomp instelt. Voor dezelfde hoeveelheid in dezelfde tijd horen ze bij elkaar: 1000 ml in 24 uur is stand 42 en 14 druppels per minuut.

Hoe reken je een pompstand om naar druppels per minuut?

Deel de pompstand door 3 bij een systeem van 20 druppels per ml. Stand 42 ml/uur is 42 × 20 = 840 druppels per 60 minuten, dus 14 druppels per minuut. Bij 15 druppels per ml deel je door 4, bij 60 druppels per ml is het aantal druppels per minuut gelijk aan de pompstand.

Mag je de druppelsnelheid afronden?

Ja, je stelt hele druppels per minuut in, dus 41,7 wordt 42. Tel na het instellen een volle minuut mee en controleer na een kwartier of het infuus op schema loopt. Bij medicatie waarbij de snelheid nauw luistert, gebruik je een pomp; dat staat in het protocol van de afdeling.

Voorkant van de kaart Verpleegkundig rekenen
Achterkant van de kaart Verpleegkundig rekenen

De kaart voor aan je uniform

Verpleegkundig rekenen

Alles uit dit artikel staat op deze kaart: 7 × 12 cm, afneembaar kunststof, met een clip aan je pak. Voor € 4,95, of als onderdeel van de Set van 5 (€ 23,95, clip inbegrepen) en de Pick & Click met twintig kaarten.

Werk je bij een leerhuis, opleiding of op een afdeling? Laat de Verpleegkundig rekenen-kaart op maat maken met jullie eigen afkapwaarden, belnummers en logo, of bestel de bestaande kaart voor het hele team tegen staffelprijs. Kaarten op maat · Zakelijk bestellen

Bronnen en controle

  • Vilans KICK-protocollen, Infuus: inlopen van infuusvloeistof en het berekenen van de druppelsnelheid.
  • Leerboeken verpleegkundig rekenen, onder meer Rekenen voor verpleegkundigen (Van der Vlist) en Medisch rekenen (Bohn Stafleu van Loghum).
  • Nederlandse Vereniging van Ziekenhuisapothekers, richtlijnen voor het bereiden en toedienen van parenterale geneesmiddelen.
  • De referentiekaart Verpleegkundig rekenen van ZorgZipper (uitgave 2021).

Inhoud gecontroleerd op 11 september 2026. Volg altijd het protocol van je eigen afdeling; dat gaat vóór elke naslagkaart.

Lees ook